Vilans bereikt 45 zorgorganisaties met programma voor betere infectiepreventie

Vilans bereikt 45 zorgorganisaties met programma voor betere infectiepreventie

Hoe zorg je ervoor dat hygiënisch werken een vanzelfsprekend onderdeel wordt van de dagelijkse zorg? Met het programma 'Samen scherp op schoon werk' heeft kennisorganisatie Vilans de afgelopen jaren ingezet op betere infectiepreventie in de gehandicaptenzorg. In totaal werden 45 zorgorganisaties bereikt via kennistrajecten en deden 198 teams mee aan een challenge over handhygiëne. Dat blijkt uit de eindrapportage van het programma.

Het programma liep van 2023 tot en met 2026 en werd uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Aanleiding waren de ervaringen tijdens de coronapandemie, die duidelijk maakten hoe kwetsbaar de gehandicaptenzorg is voor infectieziekten.

Volgens Vilans is het een uitdaging om infectiepreventie ook buiten crisissituaties voldoende aandacht te geven. Veel medewerkers in de gehandicaptenzorg hebben geen medische opleiding, waardoor kennis over hygiënisch werken niet altijd vanzelfsprekend onderdeel is van hun dagelijkse werkzaamheden.

Bijna 200 teams aan de slag met handhygiëne

Om hygiënisch werken toegankelijker te maken, ontwikkelde Vilans verschillende praktische hulpmiddelen. Zo konden medewerkers deelnemen aan de Schone handen helden-challenge, waarbij teams zeven dagen lang opdrachten uitvoerden rond handhygiëne.

In totaal deden 198 teams mee. De challenge kreeg van deelnemers gemiddeld een 7,9. Daarnaast werden ruim 300 Schone handen-actiepakketten verstuurd, die gemiddeld met een 8,2 werden beoordeeld.

Ook ontwikkelde Vilans onder meer een doe-pakket voor medewerkers en cliënten, een kwartetspel over infectieziekten en Teamleren-modules over handhygiëne, persoonlijke hygiëne en beschermingsmiddelen. Aan deze modules namen gemiddeld 25 teams per module deel.

Infectiepreventie krijgt vaker vaste plek

Naast de praktische hulpmiddelen ondersteunde Vilans zorgorganisaties bij het verbeteren van infectiepreventie. Tijdens het programma werden 47 kennistrajecten en zeven verkorte trajecten gestart. Daarmee werden 45 organisaties bereikt, ongeveer 17 procent van alle organisaties in de gehandicaptenzorg. Via bijeenkomsten bereikte het programma naar eigen zeggen ongeveer 38 procent van de organisaties.

De ondersteuning richtte zich onder meer op het opzetten van infectiepreventiecommissies en het onderbrengen van infectiepreventie bij bestaande kwaliteitscommissies. Volgens Vilans kreeg infectiepreventie binnen deelnemende organisaties vaker een vaste plek en werden meer medewerkers aangewezen om het onderwerp onder de aandacht te houden.

Kleine, praktische interventies helpen bij bewustwording

Een belangrijke les uit het programma is dat hygiënisch werken vooral praktisch en begrijpelijk moet blijven. Korte opdrachten, visuele hulpmiddelen en herhaling sluiten volgens Vilans goed aan bij de dagelijkse werkzaamheden van zorgmedewerkers.

Ook het bespreekbaar maken van hygiëne binnen teams speelt een belangrijke rol. Volgens Vilans helpen herhaling en samenwerking om een veilige leeromgeving te creëren, waarin medewerkers elkaar durven aan te spreken op hygiënisch werken.

Tegelijkertijd vraagt infectiepreventie om een goede balans tussen hygiëne en huiselijkheid. In de gehandicaptenzorg staan de relatie met cliënten, nabijheid en eigen regie centraal. Volgens Vilans laat het programma zien dat deze uitgangspunten goed kunnen samengaan met hygiënisch werken.

Blijvende aandacht blijft nodig

Hoewel het programma is afgerond, benadrukt Vilans dat infectiepreventie blijvend aandacht nodig heeft. Zodra de urgentie van een infectie-uitbraak afneemt, bestaat het risico dat andere onderwerpen voorrang krijgen.

Daarom adviseert de kennisorganisatie om infectiepreventie structureel terug te laten komen in teamoverleggen, opleidingen en bestaande kwaliteitsprocessen. Ook duidelijke afspraken, voldoende materialen en betrokkenheid van bestuurders en managers zijn volgens Vilans belangrijk.

De ontwikkelde hulpmiddelen en Teamleren-modules blijven na afloop van het programma beschikbaar via het Kennisplein Gehandicaptensector. Daarmee kunnen zorgorganisaties blijven werken aan het verbeteren van hygiëne en infectiepreventie.

Meer informatie en de volledige eindrapportage zijn te vinden op de website van Vilans.

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.