Minister Thierry Aartsen van Werk en Participatie stuurde de scenario’s op 8 september naar de Tweede Kamer. Werkgevers zijn nu wettelijk verplicht om bij ziekte gedurende maximaal 104 weken minimaal 70 procent van het loon door te betalen. In cao’s wordt deze wettelijke loondoorbetaling vaak aangevuld.
Een van de onderzochte scenario’s is het beperken van die bovenwettelijke aanvullingen. In de doorgerekende variant zouden aanvullingen vanaf zes maanden ziekte niet meer zijn toegestaan en valt de loondoorbetaling terug naar 70 procent. Volgens de berekeningen die het ministerie aanhaalt, zou dit werkgevers circa 1,4 miljard euro aan loonkosten besparen. Daar staat tegenover dat langdurig zieke werknemers eerder met een inkomensterugval te maken krijgen.
Volgens de inventarisatie kan de maatregel daarnaast leiden tot een groter arbeidsaanbod en daarmee een positief effect hebben op de economische groei. Het ministerie verwacht bij deze variant geen effect op de WIA-instroom en geen budgettaire gevolgen voor de overheid.
CNV-voorzitter Hans van den Heuvel noemt de brief tegenover het FD ‘zeer schadelijk’, juist omdat de verhoudingen tussen vakbonden en kabinet al onder druk staan.”
Ingrijpen in cao-afspraken
Het wettelijk beperken van bovenwettelijke aanvullingen betekent dat de overheid ingrijpt in afspraken die werkgevers en werknemers in cao’s maken. Het ministerie wijst erop dat sociale partners in beginsel zelf verantwoordelijk zijn voor de inhoud van cao’s en dat zo’n beperking raakt aan de contractvrijheid en het recht op collectief onderhandelen. Daarvoor is volgens de inventarisatie een zwaarwegende rechtvaardiging nodig.
CNV reageert kritisch. CNV-voorzitter Hans van den Heuvel noemt de brief tegenover het FD ‘zeer schadelijk’, juist omdat de verhoudingen tussen vakbonden en kabinet al onder druk staan. Volgens hem is het niet aan het kabinet om in te grijpen aan de cao-tafels. Dat geldt volgens CNV ook voor afspraken rond het tweede ziektejaar.
Loondoorbetaling verkorten
Een tweede scenario is het verkorten van de loondoorbetalingsperiode voor alle werkgevers van twee jaar naar één of anderhalf jaar. Ook de wachttijd voor de WIA en de ontslagbescherming bij ziekte zouden dan worden verkort.
Volgens het ministerie vermindert dit de verplichtingen en verantwoordelijkheden van werkgevers aanzienlijk. Tegelijkertijd neemt naar verwachting de WIA-instroom toe. Verkorting naar één jaar zou de overheidsuitgaven per saldo met 4,6 miljard euro verhogen; bij anderhalf jaar gaat het om 1,9 miljard euro. Het ministerie schrijft bovendien dat deze maatregel onder de huidige omstandigheden op korte en middellange termijn niet uitvoerbaar is door UWV.
Tweede ziektejaar kleine werkgevers
Een derde mogelijkheid is het collectiviseren van de loonkosten voor kleine werkgevers vanaf het tweede ziektejaar. De wettelijke loondoorbetalingsplicht van 104 weken blijft dan bestaan, maar de loonkosten van de kleine werkgever worden in het tweede jaar gecollectiviseerd.
UWV zou daarnaast een deel van de re-integratieverplichtingen overnemen. De werkgever blijft verantwoordelijk voor re-integratie bij de eigen werkgever, terwijl UWV verantwoordelijk wordt voor het tweede spoor, gericht op werk bij een andere werkgever. De ontslagbescherming van twee jaar blijft in dit scenario bestaan.
Ook deze maatregel is volgens het ministerie onder de huidige omstandigheden niet uitvoerbaar door UWV, in ieder geval niet in de komende vijf jaar. De extra overheidsuitgaven worden geraamd op structureel ongeveer 750 miljoen euro.
Nog drie scenario’s
Daarnaast zijn drie andere maatregelen onderzocht: het verkorten van de maximale loonsanctie voor werkgevers van 52 naar 26 weken, het vereenvoudigen van de ontslagprocedure na langdurige arbeidsongeschiktheid en het uitbreiden van de no-riskpolis naar langdurig zieke werknemers die via het tweede spoor bij een andere werkgever re-integreren.
Aartsen benadrukt dat het om een inventarisatie gaat. De scenario’s zijn bedoeld als basis voor verder overleg met de politiek en sociale partners. Voor meerdere maatregelen is aanpassing van wetgeving nodig en bij verschillende opties noemt het ministerie juridische en uitvoeringstechnische aandachtspunten.
MKB-Nederland vindt het nog te vroeg om voor een van de scenario’s te kiezen. Voorzitter Marijke Vuik zegt tegen het FD wel positief te zijn dat Aartsen de urgentie ziet om het vraagstuk aan te pakken. Een keuze voor een van de scenario’s noemt zij ‘voorbarig’. Volgens haar moet daarover de komende tijd het gesprek worden gevoerd in de polder en de politiek.
Bron: Kamerbrief Inventarisatie scenario’s loondoorbetaling bij ziekte n.a.v. moties, ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 8 september 2026.







