Nachtwerk komt in veel sectoren voor. Ook in de schoonmaak wordt regelmatig gewerkt op momenten dat kantoren, stations, productielocaties en andere gebouwen niet of minder intensief worden gebruikt. Werken op deze uren heeft echter gevolgen voor de gezondheid en inzetbaarheid van medewerkers.
Volgens Heidi Lammers-Van der Holst, universitair docent aan het Erasmus MC en onderzoeker op het gebied van slaap- en circadiane wetenschap, en arbeids- en organisatiedeskundige Sonja Smits worden de risico’s van nachtwerk nog onderschat.
Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat werken in de nacht onder meer samenhangt met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten, diabetes type 2, slaapproblemen, een verstoorde werk-privébalans en verminderde alertheid. Dat laatste kan bovendien leiden tot ongevallen en verzuim.
Nachtwerk niet altijd opgenomen in RI&E
Een aandachtspunt is dat nachtarbeid niet altijd expliciet wordt meegenomen in de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Smits verwijst daarbij naar het recente rapport Nachtarbeid op het spoor van de Nederlandse Arbeidsinspectie. Daaruit blijkt dat slechts één op de twaalf onderzochte bedrijven die ’s nachts aan het spoor werken de risico’s van nachtarbeid in de RI&E had opgenomen.
Vooral wanneer organisaties gebruikmaken van bestaande branche-instrumenten kan een blinde vlek ontstaan: als nachtwerk daarin niet afzonderlijk wordt behandeld, bestaat de kans dat het binnen bedrijven eveneens weinig aandacht krijgt.
Onderzoek naar praktische oplossingen
Begin 2026 is daarom het ZonMw-project Nachtarbeid in de schijnwerpers gestart. Onder leiding van Erasmus MC wordt onderzocht welke kennis en ondersteuning organisaties nodig hebben om de risico’s van nachtwerk beter te beheersen.
Het project combineert wetenschappelijke kennis met ervaringen uit de praktijk. Onder meer RI&E-documenten worden geanalyseerd en er worden focusgroepen gehouden met deskundigen, preventiemedewerkers, leidinggevenden en werknemers die ’s nachts werken.
Het onderzoek moet uiteindelijk praktische hulpmiddelen opleveren. Zo komt er een vrij toegankelijke RI&E-module over nachtarbeid, informatie voor werkgevers en werknemers via de Arbocatalogus en een onderwijsprogramma. De resultaten worden eind 2027 verwacht.
Roosters, herstel en voeding
Bij het beperken van de belasting door nachtwerk spelen roosters en voldoende hersteltijd een belangrijke rol. Tegelijkertijd bestaat er volgens de onderzoekers geen standaardoplossing: mensen verschillen in de manier waarop zij met onregelmatige werktijden omgaan.
Ook relatief eenvoudige maatregelen kunnen helpen. Zo blijkt uit onderzoek dat een powernap de alertheid tijdens de nacht kan verbeteren. Daarnaast kan aandacht voor gezonde voeding tijdens nachtdiensten van belang zijn. In de praktijk zijn voorzieningen die overdag beschikbaar zijn, zoals vers fruit of een gezonde maaltijd, lang niet altijd beschikbaar voor medewerkers die ’s nachts werken.
Daarnaast is de vraag relevant welk werk daadwerkelijk ’s nachts moet plaatsvinden. Wanneer de alertheid afneemt, kunnen bepaalde werkzaamheden immers meer risico opleveren dan andere.
Aandacht voor duurzame inzetbaarheid
De onderzoekers wijzen ook op de gevolgen op langere termijn. Werknemers kunnen bewust voor nachtdiensten kiezen, bijvoorbeeld vanwege toeslagen, maar het kan na verloop van jaren moeilijker worden om onregelmatig werk vol te houden.
Daarmee raakt nachtwerk ook aan duurzame inzetbaarheid. Zeker in sectoren met personeelstekorten kan een vicieuze cirkel ontstaan: als nachtdiensten moeilijk te vullen zijn, komt meer werk terecht bij een kleinere groep medewerkers. De belasting neemt daardoor toe, evenals de kans op uitval.
Het ZonMw-project loopt tot oktober 2027. De bedoeling is dat de opgedane kennis uiteindelijk zoveel mogelijk wordt geïntegreerd in bestaande RI&E-instrumenten, arbocatalogi en opleidingen.
Meer lezen: ZonMw – Nachtarbeid in de schijnwerpers








