Schoonmaakondernemers reageren verbaasd over looneisen van vakbonden voor schoonmaak-cao: 'Gebrek aan realiteitszin'

Schoonmaakondernemers reageren verbaasd over looneisen van vakbonden voor schoonmaak-cao: 'Gebrek aan realiteitszin'

In aanloop naar de onderhandelingen voor de nieuwe cao-schoonmaak, die deze week starten, deelden vakbonden FNV en CNV alvast hun inzet: respectievelijk gaan ze voor 12 en 10 procent loonsverhoging. Schoonmaakondernemers reageren massaal. 'Ik gun al mijn medewerkers oneindige rijkdom, echter zijn we dat punt van de discussie wel gepasseerd met dit gebrek aan realiteitszin.'

Vakbonden FNV en CNV gaan de cao-onderhandelingen in met flinke wensenlijstjes. Zo is er aandacht voor het verminderen van werkdruk, het verhogen van de reiskostenvergoeding en de duurzame inzetbaarheid van medewerkers. En natuurlijk: het verhogen van de lonen.

FNV stelt voor om de lonen per 1 juli 2026 met 6 procent te verhogen en per 1 juli 2027 opnieuw met 6 procent. Daarnaast wil de vakbond een systeem van automatische prijscompensatie, zodat lonen jaarlijks meestijgen met de inflatie. Ook zet de vakbond in op een vierdaagse werkweek met behoud van loon.

Volgens CNV moeten de lonen in een nieuwe, bij voorkeur tweejarige cao, met 10 procent stijgen. 

Ondernemers vrezen gevolgen

De looneisen van de vakbonden leiden tot grote verbazing onder schoonmaakondernemers, blijkt wanneer we de LinkedIn-reacties op onze berichtgeving erop nalezen. Men is vooral bang dat opdrachtgevers hier niet langer in meegaan, met versoberingen van contracten of zelfs opzeggingen tot gevolg. Een greep uit wat er geschreven wordt:

'Ik gun al mijn medewerkers oneindige rijkdom, echter zijn we dat punt van de discussie wel gepasseerd met dit gebrek aan realiteitszin', schrijft Remi Gaal, directeur van het gelijknamige schoonmaakbedrijf, in een reactie.

'Je dwingt mkb met de te hanteren uurtarieven vanuit de schoonmaak op deze manier dit proces weer zelf te organiseren. Oftewel de schoonmaker komt in eigen dienst met veelal lagere lonen, gebrekkige materialen, weinig toezicht en expertise.

Wie wint er dan exact iets in deze situatie? Opdrachtgever kan de schoonmaak niet betalen, opdrachtnemer is zijn opdracht kwijt en de welgewaardeerde collega werkt alsnog tegen ondoordachte normen, lager salaris en gebrek aan aandacht.

Super goed idee FNV.'

Sector gezond houden

Sebastiano Janssen, algemeen directeur bij schoonmaakbedrijf R. Janssen, reageert: 'De inzet van CNV voor hogere lonen, betere reiskosten en meer regie over werktijden klinkt sympathiek, maar we moeten ook realistisch blijven. Opdrachtgevers staan al jaren onder druk door stijgende kosten. Als schoonmaak opnieuw fors duurder wordt, gaan veel organisaties frequenties verlagen of weer zelf schoonmaken. Dat betekent uiteindelijk juist méér werkdruk voor de schoonmakers die blijven.

Als schoonmaak opnieuw fors duurder wordt, gaan veel organisaties frequenties verlagen of weer zelf schoonmaken. ”

Daarnaast zie je dat mkb-bedrijven dan weer eigen mensen aannemen tegen minimumloon, vaak zonder goede begeleiding, opleiding of ergonomische middelen. Daarmee zijn we weer terug bij af.

Laten we ook stoppen met schoonmaken steeds een zwaar beroep te noemen. De sector is enorm veranderd: betere ergonomische middelen en nauwelijks nog blootstelling aan chemie. En laten we niet vergeten: veel schoonmakers zijn trots op hun werk en voelen zich gewaardeerd.

Als lonen omhoog moeten, kijk dan kritisch waar het echt nodig is. Bijvoorbeeld bij de onderste loonschalen die het dichtst bij het minimumloon zitten. Richt het op de mensen die het hardst nodig hebben. Laten we vooral zorgen dat we de sector gezond houden.'

Hoelang is dit vol te houden?

'De vraag hoe lang dit nog vol te houden is, speelt al een tijdje', schrijft Claudia Cornelissen -Lubke, directeur van Perfec tPlan Opleidingen en CC Facilities. 'We zien nu al dat met name woningcorporaties kritisch kijken naar de kosten en overwegen om complexen terug te brengen naar eigen beheer, waarbij bewoners zelf verantwoordelijk worden voor de schoonmaak. De praktijk leert dat dit vaak leidt tot kwaliteitsverlies, verloedering en uiteindelijk hogere maatschappelijke kosten. Ook kan een huidig personeelstekort zomaar omslaan naar een overschot wanneer werk verdwijnt.

Schoonmaak is en blijft een vak. Maar bij te hoge kosten zien we vaak weer de beweging naar 'dat kunnen we zelf wel', met alle gevolgen voor kwaliteit en werkgelegenheid.

Mijns inziens zou er meer focus mogen liggen op duurzame inzetbaarheid: goede ergonomische materialen, efficiënte werkmethoden en investeren in vakgerichte opleidingen. Daar valt nog veel winst te behalen als we daar als sector echt op sturen. Daarnaast moet werken in de schoonmaak ook nog leuk blijven. Zeker met alle ontwikkelingen rond leefbare wijken en de 15-minutenstad, waarin een schone leefomgeving juist steeds belangrijker wordt.

De uitdaging blijft wat mij betreft: een gezonde balans tussen loon, betaalbaarheid, vakmanschap en toekomstbestendige schoonmaak.'

Meer opzeggingen

Jeffrey Hendriks, eigenaar van Ufacility, zegt: 'Schandalig, en dan kun je ook meteen ervan uitgaan dat er straks in het mkb meer opzeggingen plaatsvinden omdat deze kosten doorberekend moeten gaan worden aan klanten. Op deze manier wordt de mkb behoorlijk in zijn hemd gezet.

Wat hier al gezegd is: schoonmakers moeten fatsoenlijk betaald worden. Maar met de onbehoorlijke stijgingen van de afgelopen jaren en nu nog eens dit, gaat alle fatsoen naar de werkgever toe te boven.'