Ammoniak, wat zit er achter? (Blog Jacques van den Wijngaard)

Ammoniak, wat zit er achter? (Blog Jacques van den Wijngaard)

In een serie artikelen bekijk ik achtergronden rondom een chemisch product of proces. In deze zeventiende blog gaat het om ammoniak.

De namen ammoniak, ammonia en ammonium worden nogal eens door elkaar gebruikt. Is het allemaal hetzelfde of is er verschil?
Dat is er wel degelijk.

Ammoniak is een gas met een sterke, stekende geur. De oplossing van dat gas in water heet ammonia.

De ammonia uit de supermarkt bevat meestal ongeveer 5% ammoniak. Dat heeft een goede ontvettingskracht en kan prima gebruikt worden om ramen te zemen, vette aanslag te verwijderen o.a. als voorbereiding van schilderwerk.
Het wordt ook verkocht in hogere concentraties zoals 15 en zelfs 25%. Dat is dan wel het maximum en bovendien niet meer zonder adembescherming en oogbescherming te gebruiken. Het wordt aanbevolen voor het logen van hout en voor het verwijderen van aanslag in ovens, Voor dat laatste zou ik liever iets anders gebruiken gezien de scherpe geur.
Bovendien veroorzaakt het brandwonden en oogletsel, maar dat geldt voor de meeste ovenreinigers en loogmiddelen.

Dat je met ammoniak kon schoonmaken hadden de Romeinen al door, alleen wisten ze nog niet hoe het zat. “Je begrijpt het pas als je het door hebt”, zou Johan Cruijff gezegd hebben. Want wat was er eigenlijk aan de hand?
Op straat werden tonnen opgesteld waarin de burgers hun plasje konden deponeren.
In de tonnen kon de urine een poosje rotten en dan ontwikkelde zich daarin de ammoniak.
Deze ontzettend stinkende vloeistof ging naar de wasserij waar het gebruikt werd om kleding te wassen. Lekker fris zullen de jurken niet geroken hebben, maar het was goedkoper dan wasbuiltjes.
Keizer Vespasianus vond dan ook dat er wel een belasting op geheven kon worden. “Pecunia non olet” (geld stinkt niet) vond hij.

Stinken deed het wel ja, maar het was altijd nog beter dan wat zelfs eeuwen later gedaan werd in o.a. Edinburgh, waar de inhoud van de pot uit het raam werd gegooid onder het roepen van “Gardyloo” (Garder l’eau). Deze waarschuwing zal vaak te laat geweest zijn.

Nu hebben we het nog niet gehad over ammonium. Dat is de verbinding van 3 atomen waterstof en 1 atoom stikstof. De chemische formule is NH3.
Het zal me een worst zijn, hoor ik je zeggen. Maar met ammonium, geneutraliseerd met zoutzuur, komen we dichter bij huis.
Dat is namelijk ammoniumchloride, beter bekend onder de naam salmiak. En dan hebben we iets heel alledaags in de vorm van drop of zwartwit.

Veel minder alledaags is de verbinding met salpeterzuur. Dat is ammoniumnitraat. Dit is een onderdeel van kunstmest, maar ook een zeer explosieve stof die in het verleden tot grote rampen heeft geleid met honderden slachtoffers.

De uitvinder van het proces om ammoniak te maken was Fritz Haber, een Duitse chemicus die erin slaagde in 1909. Dat kwam Duitsland goed van pas want in de Eerst Wereldoorlog hadden ze veel munitie nodig. Je zou kunnen stellen dat zonder Fritz Haber deze oorlog veel korter dan vier jaar geduurd zou hebben.
Haber, die ook als kapitein in het leger zat, was trouwens ook een groot voorstander van chemische oorlogvoering. Bij Ieper werd in 1915 op zijn aandringen voor het eerst chloor als oorlogsgas gebruikt.
Dat was echter geen beletsel om hem in 1918 de Nobelprijs voor chemie toe te kennen. Wat een schande!
Dat vond zijn vrouw Clara ook. Kort na de gasaanval bij Ieper pakte zij het pistool van Fritz en benam zich daarmee van het leven.

Jacques van den Wijngaard, auteur van “Van Lachgas tot Groene Zeep”.

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.