Fedde Monsma, manager Arbeidszaken bij Schoonmakend Nederland, trapte de sessie bij Dokter Schoonmaakorganisatie af. ‘De cao-onderhandelingen starten op 5 maart, maar de voorbereiding is al in het najaar begonnen.’
Hij constateerde dat er een brede samenstelling van de onderhandelingsdelegatie is en dat er tijdens de onderhandelingen frequent afstemming gezocht wordt met leden van zowel mkb-bedrijven als landelijke spelers. ‘Onze leden fungeren daarbij als toetssteen: elk idee, elke reactie van vakbonden en ieder voorstel wordt op haalbaarheid en betaalbaarheid beoordeeld.’
Medewerkersonderzoek
Een tweede belangrijke bron van input is het brede medewerkersonderzoek. Bijna 2.100 medewerkers vulden de enquête in. Tot grote tevredenheid van Monsma. ‘Hoewel vakbonden de belangenbehartiging doen van de medewerkers, zijn de bijna 120.000 medewerkers ook ónze medewerkers en dan is het goed te weten wat zij belangrijk vinden.’
Volgens hem vormt die informatie een essentieel onderdeel voor het cao-mandaat: ‘We willen valide conclusies kunnen trekken. Daarom hebben we het onderzoek onafhankelijk en representatief voor de sector laten uitvoeren.’
Uit de resultaten blijkt onder meer dat de waardering van het werk hoog is en dat medewerkers hun directe leidinggevenden goed weten te vinden. Wel blijkt dat werkoverleg niet overal structureel plaatsvindt. Dat is een punt dat ook tijdens de cao-onderhandelingen terugkomt.
Ziekteverzuim grootste uitdaging
Na deze introductie stelde Monsma vragen. Hoe gaat het met jullie? Met jullie bedrijven en met jullie medewerkers? Veel ondernemers gaven aan dat 2024 en 2025 financieel gezien redelijke jaren waren, maar dat ziekteverzuim en mentale problematiek onder werknemers inmiddels de grootste uitdagingen vormen.
Een ondernemer verwoordde het scherp: ‘Medewerkers lijken zich gemakkelijker ziek te melden en soms minder verantwoordelijkheid te voelen.’ Anderen bevestigden dat beeld en voegden toe dat jongere generaties anders in het werk staan dan oudere.
Monsma: ‘We horen dit in meerdere provincies, van Zeeland tot hier in Drenthe. Mentale problematiek, werk-privébalans en verzuim zijn overal thema’s.’
Waar ligt het probleem?
Volgens meerdere ondernemers zit een deel van het probleem bij bedrijfsartsen en het UWV. Eén van hen gaf aan dat sommige artsen te snel medische beperkingen vastleggen. Daardoor vertraagt de re-integratie. Monsma noemde dat herkenbaar en benoemde dat het onderwerp met de cao slechts beperkt te beïnvloeden is. ‘Dit hoort bij sociale zekerheid en dat ligt in Den Haag. Maar het is een signaal dat we zeker meenemen.’
Tegelijkertijd ziet hij dat werkgevers wel degelijk mogelijkheden hebben om de trend te keren. ‘Vooral aandacht werkt. Blijf contact houden en signaleer de problemen. Dat blijft cruciaal. De A van aandacht horen we overal terug. Ken je mensen, weet wat er speelt, dan kan je aan de voorkant al iets doen.’
Frequent verzuim
Monsma legde uit dat uitgebreid onderzoek van de RAS heeft aangetoond waar het probleem het grootst is: niet bij kort of langdurig verzuim, maar bij frequent verzuim. Monsma: ‘Onderzoek laat zien dat financiële prikkels zoals wachtdagen veel minder effect hebben dan we dachten. Dus we moeten anders durven denken.’
De schoonmaak kent een uitzonderlijke regeling: het tweede jaar honderd procent loondoorbetaling. Ondernemers zien dat deze regeling soms leidt tot wat iemand ‘een hangmatconstructie’ noemde.
Werkdruk
Na de pauze verschoof het gesprek naar werkdruk. Dat thema staat hoog op de agenda van vakbonden. Maar wat is werkdruk precies? De ondernemers gaven verschillende voorbeelden: van scholen waar schoonmakers structureel meer doen dan afgesproken, tot leidinggevenden die het gevoel hebben 24/7 bereikbaar te moeten zijn. Monsma herkende dat: ‘Bij leidinggevenden zien we vooral de grootste druk. Zij moeten gaten dichtlopen bij ziekte en vakantie, klanten bedienen en administratie doen.’
Een ondernemer vertelde dat ze hun leidinggevenden actief coachen om werk en bereikbaarheid beter te begrenzen, bijvoorbeeld door het instellen van vaste momenten waarop ze hun telefoon uitzetten. Of door te investeren in goede onboarding en begeleiding van nieuwe medewerkers, zodat ze niet zelf de gaten dicht hoeven te lopen.
Ook binnen teams leidt werkdruk tot spanningen. Zeker wanneer medewerkers ziek zijn en anderen daardoor extra taken moeten oppakken. Taakgericht versus resultaatgericht schoonmaken kwam eveneens langs. Daarbij doen sommige schoonmaakmedewerkers uit betrokkenheid meer dan is afgesproken. Met als gevolg dat verwachtingen bij klanten ongemerkt toenemen.
Betaalbaarheid van afspraken
Een onderwerp dat als een rode draad door de ochtend liep, was de betaalbaarheid van afspraken. De sector heeft de afgelopen jaren forse loonstijgingen doorgevoerd en opdrachtgevers zijn steeds minder bereid die stijgingen te accepteren. Een ondernemer zei zelfs dat sommige grote opdrachtgevers de jaarlijkse indexering 'niet langer meer geloven'.
Een ondernemer zei zelfs dat sommige grote opdrachtgevers de jaarlijkse indexering 'niet langer meer geloven'”
Monsma gaf inzicht in de cijfers: ‘De cao-schoonmaak heeft de inflatie de afgelopen vijf jaar vrijwel volledig bijgehouden. Dat lukt andere cao’s vaak niet. We willen geen minimumloonsector zijn, dus we zouden het minimumloon ten minste moeten volgen. Maar de rek is er wel uit. Dat horen we overal.’
Halverwege het jaar nog een cao-verhoging doorvoeren is dan ook steeds moeilijker uit te leggen. Monsma erkende dat volmondig: ‘Ik snap het volledig. We proberen verhogingen altijd zo veel mogelijk per 1 januari te doen. In de onderhandelingen zoeken we naar het optimale moment voor een loonstijging.’
Inhuur uitzendkrachten beter reguleren
De schoonmaaksector kwam recent negatief in het nieuws door een rapport van het ministerie van Sociale Zaken over misstanden bij inhuur van uitzendkrachten. Monsma gaf tekst en uitleg: de cijfers bleken vooral afkomstig uit microsectoren als linnenwasserijen en zeilwasserijen, maar schoonmaak stond toch als geheel in het rapport. ‘We zijn bijna een jaar bezig geweest om te achterhalen waar die cijfers vandaan komen.’ Hij benadrukt: ‘We blijven hard werken aan het imago van de sector.’
Tegelijkertijd wil de sector onderaanneming beter reguleren, onder meer door een beperking op het aantal schakels in de keten. Sommige ondernemers gaven aan dat ze nu al zelf strikte controles op ingeschakelde arbeidskrachten uitvoeren, zoals verplichte ID-checks via QR-codes en fotoverificatie. Monsma reageerde enthousiast: ‘Dit is een mooi voorbeeld. Hier kom ik graag op terug, want dit helpt de sector enorm.’
Ook de aanstaande wetgeving rondom flexwerk zat veel ondernemers hoog. Minder contracten, minder flexibiliteit en mogelijk meer vaste uren maken het voor schoonmaakbedrijven lastiger om in te spelen op seizoensinvloeden en drukke en minder drukke periodes.
Een mogelijke oplossing is een jaarurennorm, die twee jaar geleden nog niet werd geaccepteerd door vakbonden. Monsma liet weten dat de cao-delegatie overweegt het opnieuw op tafel te leggen. ‘We zijn op zoek naar manieren om flexibiliteit strategisch te behouden, zeker in het licht van de nieuwe wetgeving.’
Criteria RVU-regeling
Voor oudere medewerkers blijft schoonmaak fysiek zwaar werk. Veel ondernemers zien dat sommige schoonmakers boven de zestig het niet meer redden. De RVU-regeling helpt, maar de voorwaarden zijn zo streng dat weinig medewerkers daadwerkelijk in aanmerking komen.
Monsma gaf aan dat dit probleem landelijk wordt herkend: ‘De criteria zijn heel krap geworden en het budget gaat er snel doorheen. Bovendien zien we dat medewerkers het financieel vaak niet kunnen veroorloven om gebruik te maken van de RVU. Onder andere daarom hebben we de regeling vorig jaar aangepast.’
Eindejaarsuitkering belangrijk
Tot slot kwam de vraag op tafel of de eindejaarsuitkering van 5,5 procent maandelijks moet worden uitbetaald. De meningen liepen uiteen. Monsma gaf aan dat dit een serieuze vraag is die ook landelijk wordt gesteld: ‘De meeste medewerkers werken voor geld. Alles wat je maandelijks kunt betalen, geeft direct lucht. Tegelijkertijd horen we dat de eindejaarsuitkering een belangrijk moment is om schulden af te lossen of iets extra’s te doen. Op dat punt zijn we zoekende.’
Reiskosten blijven een hoofdpijndossier met wisselende objecten, routes die per dag kunnen veranderen en administratieve druk. Monsma erkende de complexiteit volledig: ‘We hebben het onszelf complex gemaakt. Dat besef ik heel goed.’
Monsma en Schoonmakend Nederland kregen hiermee meer dan voldoende input voor de cao-onderhandelingen die op 5 maart beginnen. Daar zullen vooral het stijgend ziekteverzuim en de beperkte betaalruimte hoog op de agenda komen.









